Uw praktijk in BV-vorm, maar per wanneer?

Niet waarom, maar daarom … De inbreng van uw eenmanspraktijk (of van uw persoonlijke aandeel in een maatschap) in een besloten vennootschap (BV) vindt meestal uit financiële overwegingen plaats. U verwacht bijvoorbeeld dat de praktijkwinst over 2010 zodanig hoog is dat u beter af bent met een tarief aan vennootschapsbelasting van maximaal 25,5% (met inachtneming van een zakelijk salaris voor uzelf) dan met heffing van inkomstenbelasting over uw totale praktijkwinst. De inkomstenbelasting loopt immers op tot 52%! Dan is omzetting van uw onderneming (of ondernemingsaandeel) in een BV een optie. Maar hoe dan verder en per wanneer?

Terugwerkend per 1 januari?
Indien u vóór 30 september a.s. een intentieverklaring laat registreren en u de BV formeel uiterlijk op 31 maart 2011 opricht, kan die omzetting zelfs nog fiscaal met terugwerkende kracht naar 1 januari 2010 plaatsvinden.

Mooi toch? Over de winst betaalt de BV maximaal 25,5%. Lekker voordelig! Of bedriegt schone schijn?

Niet altijd in uw voordeel.
Toch is deze ‘standaard’procedure zeker sinds 1 januari 2010 niet in alle gevallen ‘zomaar’ aan te raden.
Dat komt doordat u als ondernemer in de inkomstenbelasting kunt profiteren van de zogenaamde MKB-winstvrijstelling.
 
Dit artikel verscheen eerder op ondernemingsdatabank.indicator.nl